Connect with us
Arnhem Centrum

Blog

Wordt het Johnny van Doornplein weer de Stille Hoek?

Ooit was er een tijd dat het Johnny van Doornplein de Stille hoek werd genoemd*. Toen was het nog een oase van rust, in tegenstelling tot tegenwoordig. Het was de tijd dat er nog gewone woonhuizen stonden en een sjiek pand.

Er stonden geen winkels in die hoek, het was er rustig, vandaar ook de naam. Maar toen kwamen de heren Vroom en Dreesmann en werd er in 1896 een winkel geopend in een deel van het deftige pand op het plein.

Puzzel

Toen ik eind jaren negentig in Arnhem kwam wonen, leek het centrum een ingewikkelde puzzel waar je op hoop van zegen je auto doorheen moest laveren. Vooral het ‘probleem’ om van de Apeldoornseweg via het Velperplein bij de John Frostbrug uit te komen, leek voor mij onoverkomelijk en er waren momenten dat ik (als bijrijder) met mijn handen voor mijn ogen zat omdat ik het doodeng vond.

Van wat ik me kan herinneren was het een chaos van pijlen op de weg, stoplichten die niet logisch leken en zebrapaden die op de meest bizarre plekken leken te liggen. Het was, in mijn herinnering, een wirwar van mensen, bussen en auto’s en de drukte schrok me af. De stad waar ik vandaan kwam had zo’n 28.000 inwoners, Arnhem had er toen rond de 139.000. Ja, ik was enorm onder de indruk.

Vroom en Dreesmann

Waar ik ook van onder de indruk was: het grote pand van Vroom en Dreesmann aan de rechterzijde van de weg. Het was de eerste winkel in Arnhem waar ik voet binnen zette en ik keek mijn ogen uit. Dit was nog vóór de grote verbouwing, daarna werd het zelfs nog mooier.

Arnhem en V&D waren in mijn ogen onlosmakelijk van elkaar verbonden. Het eerste warenhuis werd in 1887 opgericht door de zwagers Willem Vroom en Anton Dreesmann. Hun eerste pand openden zij aan de Weesperstraat in Amsterdam en op het hoogtepunt waren er ruim zeventig vestigingen door het hele land.

Zij waren daarmee het grootste warenhuisconcern van ons land. Filiaal Arnhem opende in 1896 zijn deuren, maar werd tijdens de Tweede Wereldoorlog verwoest, waarna het opnieuw opgebouwd moest worden.

Johnny van Doorn

Iets meer dan honderd jaar na de opening van het pand in Arnhem liep ik er voor het eerst naar binnen. Het plein heette allang niet meer de Stille Hoek, maar droeg inmiddels de naam: Johnny van Doornplein, vernoemd naar de Nederlandse schrijver, dichter en voordrachtskunstenaar Johnny van Doorn.

Hoe bijzonder vond ik (een Twents ‘plattelandsmeisje’) het dat in één pand je kleding, schoenen, horloges, sieraden, cosmetica, speelgoed, boeken (vooral boeken!), kantoorbenodigdheden en delicatessen kon kopen.

Ontdaan

Je kon er foto’s laten maken van je kinderen en als je dat liever zelf wilde doen kon je er ook terecht voor camera’s, computers en scanners, want in het pand was destijds ook nog de Dixons te vinden. Na de verbouwing kreeg ook ICI Paris XL een eigen plek op de begane grond. Helaas ging het bedrijf op 31 december 2015 failliet en als ik heel eerlijk ben dan was ik daar best van ontdaan.

Niet veel later stalde Topshelf haar spullen in hetzelfde pand, maar het was niet meer hetzelfde, de sfeer die V&D uitdroeg was met het personeel vertrokken. De vraag was: hoe lang houd dit bedrijf het vol in dat immens grote pand?

Wat nu?

Niet lang, want net als V&D zal ook dit concern binnenkort zijn deuren sluiten in het pand aan het Johnny van Doornplein.

Vorige week gingen twee verslaggevers van RTV-Arnhem op pad om te vragen wat er straks in dat pand moet gaan komen. Iemand opperde Hudson Bay, een ander kon het helemaal niet schelen. Een groot een zwembad met een grote glijbaan werd geopperd en ik moet zeggen dat het aantrekkelijk klinkt, ware het niet dat ik er niet aan moet denken dat mijn kinderen van zo’n immense hoogte naar beneden glijden.

Idee

Drie mensen willen de V&D terug, maar dat zal niet gaan gebeuren. De laatste optie om er kleine ondernemers te laten vestigen vind ik ook een geweldig idee. Dat idee heeft zich ook al een aantal keren in mijn hoofd laten horen. Jaren geleden ben ik in een overdekt winkelcentrum (van meerdere verdiepingen) geweest waar allemaal kleine winkels gevestigd waren.

Het pand leek wel op deze en hoewel ik geen enkel idee heb wat de mogelijkheden zijn om zulke oppervlaktes te verdelen in kleinere vind ik het een geweldig idee. Wellicht is het tijd voor verandering, misschien moeten we het eens anders gaan doen en de grote bedrijven laten voor wat of waar ze zijn.

Geluk

Laat kleine ondernemers hun geluk zoeken aan het Johnny van Doornplein, laat hun stem horen bij het grote publiek, het alternatief is namelijk ook geen optie. Verpaupering maakt het drukke plein waarschijnlijk weer de Stille Hoek, maar dat is mijn ogen niet de manier.

*Bron: website Oud Arnhem

Meer nieuws?

Reacties

Reacties

Blog

Toch weer goudvissen in de Jansbeek

vissen Jansbeek
Foto: Petra Dielman - ArnhemLife

Tientallen Arnhemmers zijn op goudvissenjacht geweest in de Jansbeek. Daarnaast is er een professioneel visser bezig geweest in het stroompje. Dus zijn alle goudvissen er nu zo onderhand echt wel een keer uit. Toch? Nee dus.

Stadsgids Petra Dielman van ArnhemLife heeft er toch nog een paar gevonden. Toen ze een groep aan het rondleiden was, zag ze een paar van de oranjekleurige waterdieren. “Ik vertelde over de geschiedenis van Arnhem én over het heden. Over ‘vissen-gate’ bijvoorbeeld, dat alle vissen uit de nieuwe Jansbeek zijn gehaald”, vertelt ze. “Later kwamen we nog een keer langs de beek en zag één van de groep 6 vissen zwemmen. ‘Nou, daar gaat mijn verhaal’ dacht ik.”

Lolbroek

Zijn die door de andere vissers over het hoofd gezien? Of is er een lolbroek geweest die de dieren na de vispartij weer heeft uitgezet? Zo blijven we aan de gang.

Maar het kan nog erger. Weblog Arnhem Direct weet te melden dat er nu ook zoetwatergarnalen in de beek zwemmen. Ook die komen niet oorspronkelijk in de Nederlandse wateren voor en vormen dus een bedreiging voor inheemse soorten. Waar blijven die brasems en die stekelbaarsjes? Op naar de volgende goudvissengate.

Meer nieuws?

 

 

 

 

Reacties

Reacties

Continue Reading

Blog

Passie, Inspiratie, Motivatie en Plezier. Vooral dat laatste!

Mijn ervaring met de horeca reikt niet verder dan werken in de keuken van ziekenhuis Rijnstate en koffie schenken in Malburgstaete. Dus voor wat betreft het werken in de horeca had ik weinig te zoeken bij deze voorstelling. Als klant daarentegen was ik zeer benieuwd naar de anekdotes die beloofd werden, dus regelde ik twee kaartjes en ging maandagavond op weg naar het posttheater.

Milo Berlijn en Michael Bunink van PIMP (Passie, Inspiratie, Motivatie en Plezier) stonden die avond op de planken met hun PIMP Theatershow. Deze is bedoeld voor eigenaren en medewerkers uit elke dienstverlenende branche, maar ikzelf ging met het idee dat de wijze lessen in deze gastvrijheidstraining veel verder reiken dan het horeca gebeuren en dat elke belangrijke opmerking in deze show ook in het dagelijkse leven toe te passen is. Toen nog niet wetende dat ik de avond van mijn leven zou hebben.

Michael Bunink deed de kick-off. Hij vertelde dat dit alles begon met een idee op Facebook en dat iemand reageerde met de vraag waarom ze niet naar Arnhem zouden komen. Er werden afspraken gemaakt en de rest is geschiedenis. Hij maakte grapjes over de stad, over onze voetbalclub en over de Jansbeek. Hij eindigde met een quiz voor iedereen in de zaal. Het principe was makkelijk; iedereen moest gaan staan en bij de vragen kon je kiezen tussen twee antwoorden waarbij je een van je twee handen moest opsteken voor het goede antwoord. Bij een fout antwoord moest je gaan zitten en uiteindelijk bleven er (in dit geval) twee winnaars over. Binnen tien minuten werd er al zoveel gelachen dat ik me afvroeg of het nog beter kon worden. Dat kon wel degelijk.

Milo Berlijn, oud horeca man was van jongs af aan actief in de horeca, in keuken en bediening en past die ervaring inmiddels toe in het geven van trainingen. Wat mij betreft had hij net zo goed cabaretier kunnen worden.

Chapeau voor de humor, de vaart en het enthousiasme van deze man

Zijn tongval en manier van spreken deed me denken aan Youp van het Hek en wat mij betreft doet hij daar ook niet aan onder. Ik zal meteen kaarten kopen als hij ooit een carrièreswitch gaat maken.

In eerste instantie leken veel van zijn grapjes over de rug van klanten te gaan en waren wat mij betreft soms wat op het randje, maar toen ik er wat beter over na ging denken realiseerde ik me dat er eigenlijk een diepere betekenis achter zit. Dat het helemaal niet alleen maar ging om het grappen maken over klanten, maar om personeel in te laten zien dat sommige opmerkingen over klanten echt niet kunnen en dat ze soms (deels) ook zelf verantwoordelijk zijn voor reacties. Althans, dat is mijn interpretatie.

‘Gedrag is beïnvloedbaar, of niet?’, aldus Milo.  

Het moraal van het verhaal: positief naar je vak kijken en overal de humor van inzien. Bedienen met humor maakt bedienen leuker. Zelf de macht in handen houden door te vragen wat de klant wil drinken in plaats van andersom, dat de klant om drinken vraagt. Zo krijgt de klant de macht en dat wil je niet.

Het was een fenomenale, verrassende, humoristische voorstelling en achteraf gezien kan ik zeggen dat het ook voor de klant een zeer interessante en nuttige voorstelling is. Dus laat je vooral niet tegenhouden om bij ook te gaan kijken. Dit jaar zullen er nog een aantal optredens plaatsvinden in verschillende plaatsen in Nederland.

Printscreen Promofilmpje PIMP

Graag wil ik eindigen met het leukste verhaal van de avond. Milo bediende mensen tijdens Pasen. Ze vroegen om een uitsmijter en niet veel later liep hij met twee borden naar buiten. Daarop lag brood met ham en tijdens het serveren presenteerde hij ze als uitsmijters. De klanten keken hem bevreemd aan en zeiden dat het geen uitsmijter was, want de eieren ontbraken. Waarop Milo zei dat ze eieren nog moesten gaan zoeken. Uiteraard komt het hier niet zo goed uit als in de show, maar lachtranen liepen me over de wangen. En dit was niet de enige keer die avond. Lachplezier gegarandeerd!

Kijk voor meer informatie op de website van PIMP of op hun Facebookpagina.

 

Meer nieuws?

 

Reacties

Reacties

Continue Reading

Blog

Project Museumwoningen

Een project dat ik een warm hart toedraag is het project Museumwoningen. Wonen in een woning waar de tijd heeft stilgestaan. Woningen waar de inrichting de sfeer ademt van vroegere tijden. Woningen waar de bewoner(s) met trots hun deur openen voor het geven van een unieke rondleiding.

De afgelopen maanden kwam ik meerdere oproepen van Volkshuisvesting tegen, waarin er voor dit project wordt gezocht naar bewoners van oude woningen. In samenwerking met het Nederlands Openluchtmuseum brengt zij een woning zoveel mogelijk terug in de oorspronkelijke staat.

Dit keer is men op zoek naar bewoners voor een museumwoning uit 1866 aan de Catharijnestraat 28 in Klarendal. Het betreft een woning van 152 jaar oud. Dat is toch bijna onvoorstelbaar?! Een woning waarin je oudgrootouder (of de grootmoeder van je betovergrootmoeder) kan hebben gewoond. Verbazingwekkend!

Bron: Volkshuisvesting

Rijk verleden

Al sinds ik in Arnhem ben komen wonen ben ik er een groot voorstander van om oude (al dan niet monumentale) panden te behouden. Deze stad heeft een rijk verleden. Helemaal niet weg met die oude meuk, zoals sommigen het noemen. Nee, behouden al die mooie oude panden.

Dat zijn panden met historische waarde. Panden die vele geschiedkundige verhalen uitademen die niemand echt kent. Helaas zijn dat ook verhalen die we helaas nooit zullen weten, maar laat onze kinderen en kleinkinderen maar zien hoe er vroeger werd geleefd.

Weinig privacy

Het is de tijd dat je met negen of tien kinderen plus twee volwassenen (of zelfs meer) leefde in een woning waar weinig sprake was enig privacy. Niet dat ik het heb meegemaakt, ik ken er zelfs geen verhalen over, maar wanneer ik die kleine huizen in het Openluchtmuseum bekijk kan ik me daar wel een voorstelling van maken.

Bron: Volkshuisvesting

De oproep voor deze laatste woning zorgde ervoor dat ik thuis laconiek opperde om zoiets te gaan doen. Het sloeg nergens op, want vrijwel direct realiseerde ik me dat ik al een woning heb en dat ik niet de behoefte voel om met mijn gezin in een nog kleiner huis te wonen dan de mijne. Maar goed, het kwam in ieder geval zover dat ik op de website ging kijken naar de voorwaarden.

Rondleidingen

Je moet als bewoner(s) je woning inrichten met een interieur uit diezelfde periode. Daarbij moet je de woning een aantal keer per jaar openen voor bezichtigingen. Ook moet je het leuk vinden om de rondleiding zelf te verzorgen, waarbij je de bezoekers zelfs vertelt over de geschiedenis van je woning. Je huishouden telt een of twee personen. Door dat laatste kon ik toch weer min of meer opgelucht ademhalen, mijn gezin is te groot.

Er zijn inmiddels negen woningen waar je rond kunt kijken:
Catharijnestraat uit 1866
Spijkerstraat uit 1869
Vijverlaan uit 1910
Borgadijnstraat  uit 1918/1922
Gelderse Rooslaan uit 1934
Hazelaarstraat uit 1946/1947
Johan de Wittlaan uit 1950
Zilverschoonstraat uit 1951
Eduard van Beinumlaan uit 1961

De lijst wordt langzaam maar zeker langer en wat ik er nu het allerleukste aan vind is dat je binnen de vernieuwde stad kunt binnenstappen in de geschiedenis.

Wil jij nu ook meer weten over de museumwoningen en de openstellingen? Kijk dan op: www.museumwoningenarnhem.nl.

RTV Arnhem nam een kijkje in een museumwoning in het Spijkerkwartier.

Reacties

Reacties

Continue Reading

Populair